INSTITUTO CERVANTES BENELUX ENGLAND AND WALES

Opleiding en Training, Werving en Selectie, Management, Business Consultancy, Reizen, Vertaalservice, Tolkenservice, Public Relations, Communicatie, Publishing, Spaans in Spanje, Amerika, Ondernemerschap, Luchtvaart, Automatisering, Internet, Productions, Verzekeringen, Hotels, Bankbedrijf, Voetbal, Prinses Diana Stadion, Televisie, Onroerend goed\

1980: RAMPJAAR VOOR NIOW EN IES
Terwijl ik mij mocht verheugen in een sterke groei ging het bij mijn zusterinstellingen NIOW en IES volledig mis. Enigszins vergelijkbaar met de economische crisis van 2009, maar dan op bedrijfsniveau. Het particulier initiatief is altijd de voortrekker geweest van nieuwe ontwikkelingen die gauw door andere partijen worden gevolgd. Dat gold in dit jaar met name ten aanzien van de opkomst van gesubsidiëerde dag/avondscholen voor volwassenen die cursussen Engels aanboden tegen prijzen waartegen particuliere instellingen niet konden concurreren. Dit leidde tot een gigantische terugval in cursisten Engels bij beide instellingen. Het IES viel terug van 3300 op 1850 cursisten. Er diende dus te worden gereorganiseerd.

DE REORGANISATIE
In die tijd werd er op de Mesdaglaan 1 te Bosch en Duin een vergadering belegd met als aanwezigen de heer L.A. de Vries, het echtpaar G.P. Boogaard, het echtpaar P.W. Karis en het echtpaar J.L. van der Heyden. Wij waren het met ons allen eens dat er drastische maatregelen getroffen dienden te worden om de zogenaamde NIOW-groep in leven te houden. Op de eerste plaats diende er drastisch te worden bezuinigd. Besloten werd tot omzetting van de drie bedrijven in drie afzonderlijke besloten vennootschappen. Aangezien het FSI financieel geen verliesposten kende werd deze vennootschap omgezet in een fifty/fifty partnership met LINGUARAMA UNITED KINGDOM van talengoeroe Richard Lewis onder de naam LINGUARAMA NEDERLAND BV. De heer Paul Karis werd tot directeur benoemd van deze nieuwe activiteit. Een succesvolle activiteit van het NIOW waren op dat moment hun trainingen geweest die intern in bedrijven werden verzorgd. Mijn medeaandeelhouders hadden derhalve besloten tot de oprichting van twee BV's met dezelfde naam. NIOW V.o.f. werd omgezet in NIOW BMO BV (BMO staat voor buitenschools mondeling onderwijs), waarin alle bedrijfsinterne opleidingen werden ondergebracht en het
INSTITUTE OF ENGLISH STUDIES onderging een naamsverandering en werd omgedoopt tot NIOW-TALEN BV. Hierin werden alle cursorische activiteiten ondergebracht welke in den lande in schoolgebouwen door FSI, IES en NIOW werden verzorgd. Dit leverde met name een fixe kostenbesparing op. De lesduur van de meeste cursussen werd teruggebracht van 1 1/4 uur tot 1 uur en er werden drie achtereenvolgende cursussen tussen 19:00 en 22:00 op een avond gepland teneinde te bezuinigen op lokaalhuur en docentkosten (reiskosten per cursusgroep). Dit leek financieel interessant vanuit bedrijfskundig oogpunt, maar deze fictieve cursusprijsverhoging heeft ook veel cursisten gekost. Bij de start van het nieuwe bedrijf rekenden wij op 7000 cursisten uitgaande van de bestaande aantallen. Het werden er uiteindelijk 5.800 en ik werd de directeur. De heer Boogaard heeft nog op dezelfde avond - na onze mondelinge goedkeuring - besloten tot de aankoop van het pand Boslaan 6 in ZEIST om daarin het zenuwcentrum van de organisatie onder te brengen.

Het IES-kantoor op De Schelf in VEENENDAAL werd met een ton verlies verkocht en LINGUARAMA NEDERLAND werd in de Boslaan 6 ondergebracht in het kleine kamertje links naast de ingang. Rechtsonder op bovenstaande foto. Door succesvol onderhandelen heb ik en mijn toenmalige echtgenote ons huis in Wijchen kunnen verkopen en met eigen middelen het pand Plattenberg 2 te Maarn verworven.

Dit fusieproces staat ook beschreven in mijn NIEUWSBRIEF 001. Ik citeer: Dit verhaal doet mij denken aan een situatie in 1982. Mijn toenmalige echtgenote P.E.M. van Hulst en ik hadden in twee jaar tijd - van 1979 tot 1981 - in goede harmonie met het INSTITUTE OF ENGLISH STUDIES in VEENENDAAL een bloeiend bedrijf opgebouwd. In het eerste jaar 750 cursisten. In het tweede jaar 1450 cursisten. In 1981 kwam het IES en het NIOW in grote problemen. In opdracht van de heer G.P. Boogaard heeft het accountantskantoor Klijnveld-Kraayenhoff en Meijburg & Co te Utrecht een reorganisatievoorstel laten maken. In het voorjaar van 1981 heeft toen een bespreking plaatsgevonden ten huize van de heer G.P. Boogaard in de Mesdaglaan 1 te Bosch en Duin. Hierbij waren aanwezig: de heer G.P. Boogaard en zijn echtgenote M. Boogaard-Mackay; de heer P.W. Karis en zijn echtgenote Jopie Rieker; De heer L.A. de Vries; de heer J.L. van der Heyden en diens toenmalige echtgenote P.E.M. van Hulst. Tijdens die bijeenkomst is tot reorganisatie van de groep besloten. De vergadering is niet goed genotuleerd. Er zijn op die avond - met name door de heer Boogaard - mondelinge toezeggingen gedaan die achteraf niet zijn nagekomen. Het water stond de heren tot aan de lippen. Na afloop van de bespreking heeft het gezelschap een bezoek gebracht aan het pand Boslaan 6 te ZEIST, dat in die tijd te koop stond. De heer Boogaard bleek achteraf al tot aankoop van dat pand te hebben besloten en had daartoe uiteraard onze goedkeuring nodig. Hij heeft mij op die avond laten weten dat het pand eigendom zou worden van de nieuwe vennootschap NIOW-TALEN B.V., een omzetting van het INSTITUTE OF ENGLISH STUDIES B.V., waarover ik de directie zou gaan voeren. Mijn bedrijf Frans-Spaans Instituut B.V., waarin de heren de Vries en Boogaard een prioriteitsdaandeel hadden, werd dan omgezet in LINGUARAMA NEDERLAND B.V. als werkmaatschappij van het Britse LINGUARAMA UNITED KINGDOM van Richard Lewis, voormalig docent Engels aan het Keizerlijk Hof van Tokyo en auteur van de BBC-serie WALTER AND CONNIE. Mijn directiefunctie is daarbij toen overgenomen door de heer P.W. (Paul) Karis. Hij kreeg een vijftig procent belang in het nieuwe bedrijf. De andere helft kwam in handen van het Britse moederbedrijf, waarvan de belangen werden behartigd door het bedrijf Bucele in Zwitserland, als ik mij niet vergis. Snel werden de maatregelen getroffen. Het pand aan de Boslaan werd aangekocht. De administraties werden gecentraliseerd. 'Het NIOW' verhuisde van het pand aan de Zamenhoflaan in ZEIST naar de Boslaan 6. NIOW-medewerkster Petra Koek nam met haar toenmalige partner Paul van der Lugt (bekend van radio en t.v.) haar intrek in dat voormalige NIOW-kantoor aan de Zamenhoflaan. De familie Van der Heyden verhuisde niet lang daarna naar de Plattenberg 2 te Maarn. Een jaar later was het rapport van Klynfeld Kraayenhoff en Meyburg & Co gereed en is in aanwezigheid van de hierboven vermelde personen - m.u.v. mijn voormalige echtgenote P.E.M. van Hulst - op hun kantoor te Utrecht gepresenteerd. Dit staat beschreven in het faxbericht aan advocatenkantoor Nauta Dutilh te Amsterdam d.d. 1 december 1992 en het hiernavolgende vertrouwelijk schrijven. Het rapport was onthutsend. Het pand aan de Boslaan 6 was niet - volgens afspraak - in de vennootschap NIOW-TALEN B.V. (aandeelhouders De Vries, Boogaard, Karis en Van der Heyden ieder 25%) ondergebracht, maar in de vennootschap NIOW B.M.O. B.V. (voortgekomen uit NIOW v.o.f., aandeelhouders Boogaard en de Vries, ieder 50%). Het rapport was voor de heer Karis aanleiding om zich direct uit die constructie terug te trekken met mijn voormalige bedrijf en ging met LINGUARAMA NEDERLAND B.V. verder in een pand aan de Venestraat te 's-Gravenhage, niet ver van Paleis Noordeinde. Tijdens een daartoe gehouden bespreking in de Tweede Schuytstraat te 's-Gravenhage in oktober 1982 is tot terugtrekking van de heer Karis uit de groep besloten en notariëel vastgelegd door het notariskantoor Beusekom en Van Dijk aan de Groot Hertoginnelaan. Er is toen ook besloten tot een nieuwe aandelenverhouding binnen NIOW-TALEN B.V. (Van der Heyden 1/3, Boogaard 1/3, De Vries 1/3). Aangezien de heren Boogaard en de Vries binnen NIOW B.M.O. B.V. ieder 50% van de aandelen bezat verloor Van der Heyden de facto de zeggenschap over zijn eigen bedrijf. Het rapport van Klynfeld Kraayenhof, ook wel KKC-rapport genoemd, gaf voorts nog aan dat NIOW-TALEN B.V. voor meer dan Hfl. 600.000 aan dubieze debiteuren had openstaan op een omzet van Hfl. 2 mio.

Er wachtte een grote hoeveelheid werk op me waarin ik me op alle mogelijke management-terreinen kon uitleven. Produktgroepen, cursusgroepen, docentenbestanden werden onder mijn verantwoordelijkheid samengevoegd en cursussen aangepast aan de eisen van de tijd. Er werd één koers uitgezet waarbij medewerkers uit verschillende culturen op één lijn werden gebracht. Ik verdeelde het land in 29 districten en reisde van het ene deel van het land naar het andere deel: docentenvergaderingen in GRONINGEN, NIJMEGEN, 'S-GRAVENHAGE, BREDA, ROTTERDAM, CAPELLE AAN DEN IJSSEL, EINDHOVEN, AMSTERDAM, HAARLEM, ALKMAAR en projectleidersvergaderingen ter plaatse en centraal. Alles gericht op het op één lijn krijgen van de medewerkers. In korte tijd functioneerde het landelijk opererende bedrijf als één totaliteit. Vanzelfsprekend mede dankzij de medewerkers van mijn docenten en districtleiders, als vermeld in ZUINIGHEID MET VLIJT BOUWT HUIZEN ALS KASTELEN t.w. REGIO-INDELING NATIONAAL INSTITUUT VOOR ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN (NIOW-TALEN B.V.)

Financieel/economisch was het bedrijf ook binnen twee jaar uit de zorgen (een gat van 6 ton op een omzet van 2,5 miljoen Nederlandse guldens) en kon er in intensief overleg met de medevennoten gewerkt worden aan een nieuwe expansie in de markt. We investeerden in automatisering van het boekhoudkundige en organisatorische systeem, produktontwikkeling en promotie. Er werden nieuwe doelstellingen geformuleerd:

* verlaging overheadkosten d.m.v. automatisering om prijstechnisch te kunnen concurreren met gesubsidiëerde instellingen op deelsegmenten van het marktaanbod;
* ontwikkeling nieuwe opleidingsprodukten, o.a. de opleiding tot het staatsexamen tolk-vertaler voor Engels, Frans en Spaans;
* inspelen op directe trends in de markt: toeleidingscursussen Open Universiteit;
* verkrijgen van ministeriële erkenning;
* verbetering van de kwaliteit van de cursussen en aanpassing aan de toekomstige eisen van de Wet op de Erkende Onderwijsinstellingen.

Het produktengamma bestond inmiddels uit cursussen en opleidingen Engels, Frans en Spaans op zeven jaarniveaus: twee jaar Elementair, Conversatie en Spreekvaardigheid (voor Associatie-examens), First Certificate en Proficiency of the University of Cambridge, Certificat d'Etudes Françaises, Certificado de Español, drie jaar Tolk-Vertaler Engels, Frans of Spaans en cursussen in andere talen: Duits, Italiaans, Portugees, Nieuwgrieks, Servo-Kroatisch, Turks, Bahasa Indonesia en Nederlands voor buitenlanders.1982/1983

AUTOMATISERING VAN HET BEDRIJF
Nadat wij in twee jaar tijd de financiële problematiek van het bedrijf tot een goed einde hadden gebracht en er weer ruimte was voor nieuwe groei heb ik mij na het vertrek van onze computerspecialist Paul Karis ervoor ingezet om de administratie van het bedrijf te automatiseren. Daartoe had de heer Boogaard de heer Henk Cozijnsen uit de Griffensteynselaan in ZEIST ingeschakeld die daartoe ten bedrage van 25.000 gulden een vooronderzoek heeft verricht. Op zijn advies hebben wij ons nadien gewend tot het automatiseringsbedrijf MINIHOUSE van de heer THEO MULDER uit Alphen aan den Rijn, het huidige MULTIHOUSE AUTOMATISERING aan de Doesburgweg 7 in Gouda met in die tijd een dépendance in APELDOORN. Besloten werd tot de aankoop van een PDP 11/23 bij Digital in Utrecht met een opslagcapaciteit van twee schijven van 10 megabytes. Eén schijf voor de programma's en de tweede voor de bestanden. Uitsluitend databases. Hieraan gekoppeld een console en drie werkstations. De computer (Centrale Verwerkings Eenheid/Central Processing Unit CPU) werd geplaatst in de voormalige kamer van de heer Karis, die na zijn vertrek werd ingenomen door mevrouw Marianne Boogaard MacKay. Zij zou hierop later de boekhouding gaan voeren voor alle aangesloten bedrijven, t.w. NIOW-TALEN BV, NIOW-BMO BV, STICHTING NATIONAAL ONDERWIJS, HOLLAND PUBLISHERS BV en INSTITUUT VOOR BEDRIJFSKUNDIGE OPLEIDINGEN (IBO) BV. Voor deze boekhouding kon gebruik gemaakt worden van het bestaande boekhoudprogramma FARAO. Voor NIOW-TALEN werd speciale applicatiesoftware ontwikkeld in DIBOL met de naam ORAKEL. Het eerste scherm bevatte de BASISGEGEVENS van de verschillende administraties: CURSUSSEN, CURSUSPLAATSEN, CURSISTEN, DOCENTEN en een statistiekprogramma. Deze administraties werden gekoppeld aan het boekhoudprogramma FARAO. Om dit programma te leren kennen heb ik met onze procuratiehoudster MARIANNE BOOGAARD MACKAY voor 1250 gulden in Gouda een tweedaagse cursus gevolgd. Het bij het programma behorende handboek was zo dik als de DON QUIJOTE DE LA MANCHA. Marianne Boogaard was goed in de materie thuis, aangezien zij al vanaf de start van het NIOW altijd de boekhouding had gevoerd. Ik beschikte voordien niet over haar deskundigheid op dat gebied, maar heb toen een globaal beeld gekregen van hoe het programma werkte. Ik was met name enthousiast over de in het programma opgenomen KOSTENPLAATSENADMINISTRATIE. Door een koppeling te maken met de verschillende districtcodes zou ik dan ook inzicht krijgen in de financiële positie van de 28 verschillende districten en hun districtleiders. Dit zou mij bij NIEUW ELAN later ook van pas komen inzake de aldaar gevoerde PROJECTENADMINISTRATIE met hetzelfde programma FARAO. In dit verband hebben wij met de zogeheten NIOW-GROEP toen een flinke veer moeten laten. De in FSI-tijd in rekening gebrachte know how-vergoeding van 45.000 gulden werd door mijn medeaandeelhouders teruggebracht tot 30.000 gulden. Dit betrof een vergoeding voor het exclusieve gebruik van de know how die mijn collega's tijdens de ontwikkeling van hun bedrijf hadden opgebouwd. Ten behoeve van de automatisering hebben wij toen die exclusieve kennis logischerwijs aan de heer Cozijnsen moeten overdragen voor zijn onderzoek. De invoering van het computersysteem zou een relatief zware investering worden op een omzet van ongeveer 1,8 miljoen gulden. De kosten zouden kunnen worden gedrukt wanneer MINIHOUSE het voor ons ontwikkelde ORAKEL-programma zou mogen doorverkopen aan een ander instituut. Gezien onze budgettaire beperkingen hadden wij geen andere keus en zijn daar toen mee accoord gegaan. Het gehele project werd voor 300.000 gulden geoffreerd. In november 1982 heb ik met mijn collega's Boogaard en De Vries die investeringsbeslissing genomen. 125.000 voor de hardware en 175.000 voor de software. Het systeem werd opgeleverd in maart 1983 en vanaf dat moment werd de applicatiesoftware op het adres van MINIHOUSE in Gouda ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van hun projectleider JOHAN VAN ZUIDAM. De input werd geleverd door mij. De eerste maanden werden de basisgegevens CURSUSSEN, CURSUSPLAATSEN, CURSISTEN en DOCENTEN op het systeem gezet. In die tijd ­ een relatief rustige periode gedurende de maanden maart en april - hield ik mij met mijn personeel grotendeels bezig met het "inkloppen" van de bestaande en geplande bestanden. Elke cursus kreeg een cursuscode van drie posities, elke cursist een cursistcode bestaande uit de eerste vier letters van de achternaam, de eerste drie letters van de woonplaats en een volgnummer voor het geval er verschillende cursisten met dezelfde cursistcode zich voordeden zoals Jansen uit Nijmegen (JANSNIJ1 etc.). Dit gold ook voor de docenten. Voor de CURSUSPLAATSEN gebruikten wij de eerste drie cijfers van het postcodesysteem. Vandaar dat ik praktisch elk plekje op de Nederlandse landkaart weet te vinden en elke gebeurtenis in samenhang als een soort helderziende weet te plaatsen. Mede door mijn persoonlijke contacten met al die mensen binnen dit netwerk als SPIN IN HET WEB en vanaf november 1982 als medebestuurslid van de VERENIGING VAN INSTELLINGEN VOOR BUITENSCHOOLS MONDELING ONDERWIJS (VBMO) tot augustus 1988.

WAAR EN WANNEER ONTSTONDEN DE PROBLEMEN?
In de zomermaanden van 1983 kwamen wij serieus in de problemen. De geautomatiseerde afhandeling van de cursusgeldenadministratie werd besproken tussen de heer
VAN ZUIDAM en MARIANNE BOOGAARD-MACKAY terwijl ik verantwoordelijk was voor het gebruik van ORAKEL. Ik kreeg daarbij de opdracht alle nieuwe systeemonderdelen te testen. Een disaster van de eerste orde. Bij MINIHOUSE werkte het FARAO-team in APELDOORN en het ORAKELTEAM in Gouda. Van een duidelijke onderlinge afstemming bleek nauwelijks sprake. In augustus, de drukste tijd van het jaar, werden de laatste programmaonderdelen geïmplementeerd. Van mij werd door MINIHOUSE in die tijd verwacht dat ik het programma zou testen terwijl op ons kantoor de telefoon roodgloeiend stond. In die inschrijfperiode dienden wij met een beperkte bezetting zo'n 40.000 tot 50.000 reacties te verwerken. Mede in verband met een speciale huis-aan-huiskrant die onder 3,3 miljoen Nederlandse gezinnen werd verspreid. Met een landelijke dekking. De krant werd geproduceerd door mijn districtleider in de provincie Zeeland, de heer Ben Flore te Goes, in samenwerking met het bedrijf Hansnel in Utrecht. Van alle in de cursussen geïnteresseerden schreef zich in de regel 10 procent in en wij streefden naar een bestand van 7000 cursisten. Daarop was ook onze begroting gebaseerd. Uiteindelijk werden het er 'slechts' 3500. Om onze exploitatie kloppend te houden dienden wij ons te wenden tot een bank. Directeur Minnaar uit Langbroek van de Crediet & Effectenbank aan de Boulevard in ZEIST is ons toen terwille geweest. Het zou een jaarlijks terugkerend exploitatietekort blijven van 150.000 gulden die als een molensteen om onze nek bleef hangen. Het voert te ver om hier in een kort tijdsbestek uit te leggen waar de boekhoudkundige problemen zich voordeden, maar ik weet nog exact waar die problemen zaten. Mijn collega Boogaard had daar echter geen helder beeld van. Er ontstonden verschillen in de bedragen die op de girorekening van NIOW-TALEN BV binnenkwamen en de bedragen die in FARAO waren geregistreerd. Die bedragen kwamen hoger uit, waardoor de indruk werd gewekt dat er geld verdween. Dat was echter geenszins het geval. Het kwam voort uit de beginsituatie waarbij abusievelijk inschrijvingen dubbel werden geregistreerd en er geen koppeling in het programma bestond waarin bij het verwijderen van cursistgegevens de aangemaakte openstaande posten bleven 'hangen'. Dit gaf een vertekend verwachtingspatroon. Ik heb begrepen dat wij niet het enige bedrijf zijn geweest met dit probleem. Ten gevolge van deze problematiek ben ik enkele jaren niet in staat geweest om de juiste jaarstukken te laten produceren waarop ik mijns inziens in 1988 terecht ben aangesproken.

APPLE IIC
Ik vervolg met het automatiseringsgebeuren. In de winter van 1987 heb ik in de Hilvertshof in Hilversum ­ in privé - voor Hfl. 2500,- een computertje gekocht met een tekstverwerkingsprogramma, spreadsheet en database. Het was een Apple IIC. Het werkte nog met floppy disks en het was de eerste gelegenheid waarbij ik met een spreadsheet leerde werken. Uitstekend geschikt voor een kosten-baten analyse en het vervaardigen van een financiële prognose voor het nieuwe cursusjaar. Ik had mij in die tussentijd ook iets meer in de accountancy verdiept. Hiermee had ik berekend dat het mogelijk was om het bedrijf NIOW-TALEN BV in het seizoen 1987/1988 zonder verliesposten af te bouwen. Er diende dan wel te worden gewerkt aan een nieuw toekomstperspectief van de terugtredende directeur.

VERTREK ALS NIOW-DIRECTEUR
Als lid van de vakbond UNIE BLHP zijn er toen in het voorjaar van 1987 onderhandelingen gevoerd onder leiding van mijn toenmalige buurman en vakbondsbestuurder H.J. Neuman. Ik had inmiddels al drie burn outs achter de rug als gevolg van de toenmalige volksziekte nummer één: de managersziekte. De gesprekken hebben plaatsgevonden in Hotel Kerckebos in ZEIST op 17 en 21 maart 1987. Tijdens deze gesprekken heb ik een juridische procedure afgedwongen om onze verschillen van inzichten door een rechter te laten beoordelen, nadat de heer De Vries had laten weten dat een bestuurder hoofdelijk aansprakelijk kon worden gesteld ten gevolge van de in die tijd nieuw aangenomen anti-misbruikwet. Hierdoor ontstond een juridisch steekspel tot oktober 1988. Dat begon met mijn door de UNIE BLHP afgedwongen ontslag op 7 juli 1987 op het advocatenkantoor Derks, Star, Busman te Utrecht nadat ik de twee computerschijven ­ die ik in verband met mogelijk brandgevaar op de Boslaan om veiligheidsredenen ook op mijn huisadres bewaarde ­ op verzoek van mijn procuratiehoudster Boogaard-MacKay had overgedragen aan mevrouw MIEKE DE BRUIN van het IBO.

BELEIDSPLAN INSTITUTO CERVANTES BENELUX SBO EN DON QUIJOTE

INSTITUTO CERVANTES BENELUX is legally registered at the Benelux Trade Registrar under deposit numbers 0508277 and 843323 in class 41: education, trainings and courses and is a tradename of the Foundation Cervantes Benelux in Nijmegen, registered under number 41211928 of the Chamber of Commerce of Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House, Cardiff.

INSTITUTO CERVANTES BENELUX está legalmente depositado como marca comercial en el registro de marcas del Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom bajo los números de depósito 0508277 y 843323 en clase 41: educación, enseñanza y cursos y es un nombre comercial de la Fundación Stichting Cervantes Benelux en Nimega, inscrito bajo número 41211928 de la Cámara de Comercios en Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House Cardiff.

INSTITUTO CERVANTES BENELUX is als handelsmerk wettig gedeponeerd bij het Benelux Bureau voor de Intellectuele Eigendom onder depotnummers 0508277 en 843323 in klasse 41: onderwijs, opleidingen en cursussen en is een handelsnaam van de Stichting Cervantes Benelux te Nijmegen, ingeschreven onder nummer 41211928 van de Kamer van Koophandel te Amsterdam (IBAN: NL91INGB0004729266 BIC: INGBNL2A). Instituto Cervantes Limited is registered for England and Wales under Company No. 3300636 at Companies House, Cardiff.

ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN