HET LICHT OP DOMINEE HANS VAN DER WAL UIT VELP

Na thuiskomst vanuit Granada ontving ik gisteren het contactblad van de Nederlandse Interkerkelijke Gemeente aan de Costa del Sol met berichten van de inmiddels in Nederland teruggekeerde dominee Hans van de(r) Wal en dominee Dirk Griffioen.

Vanuit deze achtergrond citeer ik aansluitend aan mijn Terugblik met Nieuw Elan op ons bezoek aan La Cartuja de Granada het verhaal van Hans van de(r) Wal.

Afscheid van de Costa del Sol Wanneer U dit leest zijn Waltraut en ik alweer vertrokken uit Fuengirola. Drie maanden waren we aanwezig als predikantspaar en bewoonden we de pastorie in Edificio Horizontes, waar velen ons al voorgegaan zijn. Die drie maanden waren zo voorbij, ondanks het feit dat het niet echt druk was. Want de Corona epidemie heeft ook in deze periode zijn tol geëist: niet zo hevig als eind 2020, maar er waren najaar 2021, hoorden we, toch nog beduidend minder mensen dan vroeger, vóór de uitbraak van de epidemie. Elke zondag waren er de beide kerkdiensten, in Fuengirola in de Scandinavische kerk aan de Paseo Marítimo en in het Hollandhuis in Torremolinos. Voorts twee themabijeenkomsten in Torremolinos op woensdagen over respectievelijk het bijbelboek Openbaring van Johannes en over de vraag waar het bijbelse scheppingsverhaal eigenlijk over gaat. We brachten enkele bezoeken. Heel bijzonder was de oecumenische bijeenkomst ter voorbereiding van de week van gebed voor de eenheid der christenen op initiatief van de bisschop van Malaga in een prachtig gelegen voormalig klooster aan de Noordoostkant van Malaga; samen met Grada Hildering woonden we die bij. En uiteraard was er de voorbereiding van de diensten en de themagesprekken, maar die vond plaats uit Uw zicht, op de pastorie. Vooral via de kerkdiensten hebben we velen van U leren kennen. We bewaren heel fijne herinneringen aan de open sfeer in de gemeente, aan de gesprekken na afloop van kerkdiensten, aan de bezoeken bij mensen thuis, aan de samen genoten maaltijden, kortom aan de vriendelijkheid, de gastvrijheid, de warmte waarmee U ons tegemoet getreden bent. Maar druk was het niet. En dus was er tijd voor andere dingen. Waltraut heeft in deze weken veel gelezen. En ik had werk meegebracht. Correctiewerk om precies te zijn. In een eerder nummer van het Contactblad had ik geschreven dat ik met mijn gezin in Indonesië gewoond en gewerkt had. Omdat ik het Indonesisch, Bahasa Indonesia, bijgehouden had kreeg ik het verzoek de Indonesische vertaling van documenten, die oorspronkelijk in 19e-eeuws Nederlands geschreven en in het Indonesisch vertaald waren, te controleren en zo nodig te corrigeren. Voor wie het interesseert: het gaat om brieven en besluiten betreffende het reilen en zeilen van kerkelijke gemeenten geschreven door predikanten, ambtenaren en zendelingen die in de Molukken gewerkt hebben rond 1850. In de Molukken, dus Ambon en omliggende eilanden als Buru, Haruku, Saparua, Ceram, Hila, Manipa, Boano enz., had het christendom al sinds de 17e eeuw wortel geschoten. Omdat een groot deel van de bevolking christen geworden was en de protestantse kerk in Nederlands-Indië in de 19e eeuw in feite staatskerk was voelde het Nederlands-Indische gouvernement zich verplicht de christenheid in de Molukken te steunen. Die steun leidde soms tot vermenging van staat en kerk. Dominees kwamen uit Nederland en werden door de staat betaald en dus ook afhankelijk van regeringsfunctionarissen. De staat subsidiëerde ook de opleiding van inheems kader, met name de opleiding van onderwijzers die tegelijk voorgangers waren in christelijke gemeenten. Dominees en

zendelingen maakten zich tegenover regeringsfunctionarissen soms tot tolk van inlanders, maar hadden omgekeerd ook de neiging hen tot oppassende burgers op te voeden. Een voorbeeld. Ongehuwd samenwonen was kennelijk heel gangbaar in de inheemse samenleving. Ook Nederlandse ambtenaren en militairen leefden nogal eens ongehuwd samen met een inheemse vrouw. De (Nederlandse) dominees hadden daar moeite mee. Om principiële redenen maar ook omwille van de vrouw en de eventuele kinderen uit zo’n verbintenis. Het kwam kennelijk nogal eens voor dat bij ongetrouwd levende stellen de vaders hun gezin in de steek lieten. Als nu een kind uit zo’n verbintenis gedoopt moest worden eisten sommige dominees dat de ouders officieel zouden trouwen. En soms werd de doop geweigerd als ouders, doorgaans de vaders, niet wilden trouwen. Theologisch gezien is het echter de vraag of het weigeren van de doop wel het juiste middel is om mensen tot een huwelijk te bewegen, een vraag die ook toen gesteld werd. De kerkenraad van Ambon, in een bepaald geval door de gouverneur om advies gevraagd, vond in ieder geval van niet. Enfin, je krijgt door die brieven en besluiten van dominees, zendelingen en regeringsfunctionarissen een boeiend inkijkje in het reilen en zeilen van de kerk in lang vervlogen tijden in Indonesië, toen nog een Nederlandse kolonie. We hadden ook tijd voor de kennismaking met het vooral voor Hans onbekende land. Waltraut had Andalucia al eens bezocht. Nu hebben we vooral de directe omgeving van Fuengirola, Benálmadena en Torremolinos verkend. En een enkel bezoek aan een verder weg gelegen stad, zoals Córdoba met zijn indrukwekkende moskee/kathedraal en Ronda, de stad waarvan de beide delen door een diepe kloof gescheiden zijn. Zoals vele toeristen waren ook wij zeer gecharmeerd van het bergdorp Mijas en hebben het bij herhaling bezocht. Het is werkelijk een genot door de straten van dat schilderachtige witte bergdorp te dwalen, te genieten van de verstilde sfeer rond de parochiekerk en de fraai aangelegde tuinen, de kunstig uitgewerkte

kerststal in de kerk te bekijken, de kruiswegstaties af te lopen boven het dorp langs een pad dat loopt naar het kapelletje dat vanuit het dorp te zien is. Aan de voettocht van Mijas over de bergen naar Benalmádena heb ik me maar niet gewaagd, want zo’n tocht (er staat zes uur voor) moet je niet alleen en zeker niet zonder goed schoeisel doen. En uiteraard bezochten we herhaaldelijk Malaga en haar ‘highlights’: de beroemde kathedraal, de haven met zijn schitterende havenpromenade (een hoogstandje van architectuur!), de Alcazaba en de Gibralfaro boven op de heuvel. Elke stad is op een zaterdagmiddag gezellig, maar Malaga, en dan

vooral het gedeelte bij de kathedraal, steekt daar ver bovenuit! U begrijpt: we hebben het goed gehad. Wij groeten U allen. Wie weet tot ziens ‘sometime, someplace’. Hans van de Wal en Waltraut Münzberg”

Langs deze weg gaat mijn dank naar Hans en Waltraut uit. Ik heb Hans vermeld in Mijn verbindende elementen d.d. 24 oktober vanaf 1995 – Doña Leonor en mijn verbindende elementen d.d. 31 oktober vanaf 1995 – Het teken aan de wand – Mijn verbindende elementen d.d. 21 november vanaf 1997 en de toespraak van Koning Willem-Alexander in de Algemene Vergadering van de Verenigde NatiesHet Licht op Maitland, openbaringen en mijn verbindende elementen d.d. 1 december vanaf 1992 – De droom van Johannes – De blik op Abu-Dhabi en mijn verbindende elementen d.d. 12 december vanaf 1993 en Tweede Kerstdag: De blik op André Troost, mijn verbindende elementen d.d. 26 december vanaf 1997 en Het Derde Testament. Op zondag 9 januari heb ik van Hans en Waltraut afscheid genomen. Hans was de opvolger van Ds Ko Brevet die zich – naar ik aanneem – thans op Gran Canaria  bevindt.