ALGEMENE BESCHOUWINGEN EN MIJN VERBINDENDE ELEMENTEN D.D. 22 SEPTEMBER VANAF 1995

Sinds 19 september 1996 heb ik de Algemene Beschouwingen in de Tweede Kamer der Staten Generaal altijd met belangstelling gevolgd in het belang van mijn collega’s die zich wijden aan het onderwijs in de Spaanse taal in het Koninkrijk der Nederlanden  zoals wij onder meer kunnen lezen in mijn brief Ruimhartigheid van 18 april 2005. Acht jaar na mijn bezoek aan Buckingham Palace,  St James’s Palace en het Patent Office  in Fleet Street in Londen. Vanuit deze achtergrond memoreer ik aansluitend aan mijn bericht ‘Prinsjesdag 2021, lean on me, mijn verbindende elementen d.d 21 september vanaf 1995 en de eerste uitgaande brief van de Staten Generaal in 1996’ mijn verbindende elementen d.d. 22 september vanaf 1995 tot en met 2012: 1996 Ambassadorship 1997 Faith, hope and love 1998 Strijdvaardigheid 1999 De rozenboom 2000 Vlieg er eens uit   2002 Spaans op school 2003 Jaap de Hoop Scheffer Secretaris-Generaal van de NAVO  2004 Connecting networksHart van Nederland 2005 Boris Dittrich, Frank de Grave en Gijs van Amstel 2006 Uitnodiging 2007 A brand new start 2009 Tot ziens in Cádiz 2010 Uitnodiging ontvangen voor reis naar Sint Petersburg en 2011 Een prinsheerlijk ritje.

Vanuit deze achtergrond geef ik hieronder delen van de Troonrede weer met de hierin binnen mijn beleidskader relevante verbindingen.

Leden van de Staten-Generaal,

‘Elke tijd is overgangstijd’, schreef de historicus H.W. von der Dunk. Daarmee gaf hij uitdrukking aan de gedachte dat er terugkijkend in de geschiedenis vaak sprake is van contuïteit en doorlopende lijnen. Toch is het heel verklaarbaar dat velen onze eigen tijd ervaren als een periode van grote en onvermijdelijke veranderingen. Natuurlijk vanwege de coronacrisis, die ons leven nog altijd sterk beheerst. Vanwege grote binnenlandse thema’s, zoals de toegankelijkheid van de woningmarkt, vermindering van de stikstofuitstoot, kansengelijkheid in het onderwijs en op de arbeidsmarkt, en de bescherming en versterking van de rechtsstaat. En vooral ook vanwege alomvattende problemen als klimaatverandering en schuivende machtsverhoudingen op het wereldtoneel. Deze grote internationale ontwikkelingen voelen misschien abstract en ver weg, maar zijn dat niet. Klimaatverandering kwam deze zomer dichtbij toen inwoners van Limburg  in een paar dramatische dagen hun huizen en bedrijven na extreme regenval onder water zagen lopen.

De begroting die de regering vandaag aan u voorlegt, staat in het teken van uitvoering van lopend beleid. Dat past bij de demissionaire status van een kabinet dat in januari van dit jaar zijn ontslag aanbood en daarmee verantwoordelijkheid nam voor de toeslagenaffaire. Grote nieuwe keuzes voor de langere termijn zijn aan een volgend kabinet. Tegelijkertijd ontslaat dat de zittende regering niet van de plicht te doen wat nodig is. Sommige onderwerpen zijn zo urgent, dat stilstand nu ons land onnodig op achterstand zou zetten. Daarom meent de regering er goed aan te doen in het lopende beleid voor komend jaar een aantal extra stappen te zetten, onder andere op het terrein van klimaat, rechtsstaat en woningbouw.

Achter ons ligt een periode die voor een belangrijk deel in het teken stond van het coronavirus. Voor ons ligt een jaar waarin we mogen hopen op een verdere terugkeer naar meer normale verhoudingen. Daarmee ontstaat ruimte om terug te kijken  terug te kijken en vooruit te blikken.

Voorop staat dat wij Nederlanders in coronatijd opnieuw hebben laten zien er als familie, vrienden, collega’s en buren voor elkaar te willen zijn. Velen rouwen na deze periode om het verlies van een geliefde. Anderen worstelen met de lichamelijke en geestelijke gevolgen van corona. En weer anderen, oud én jong, kregen te maken met eenzaamheid en depressie.

Positief is ook hoeveel mensen tijdens de coronacrisis in ons aller belang doorwerkten, vaak onder moeilijke omstandigheden. Nederland is u dankbaar. Dank aan de politiemensen en boa’s die pal staan voor onze veiligheid. Dank aan de militairen die op verschillende plaatsen bijsprongen. Dank aan alle mensen in het onderwijs en de kinderopvang, het openbaar vervoer en de logistiek.

Tijdens de coronacrisis is gebleken hoe belangrijk en effectief regionale, nationale en internationale samenwerking en afstemming in de zorg kunnen zijn. Dat is belangrijk met het oog op de periode na corona, waarin twee grote vragen beantwoord moeten worden. De eerste is: hoe zorgen we dat we paraat staan voor een volgende pandemie? Daarvoor werkt de regering aan een plan. Dat is per definitie ook een internationaal vraagstuk, want een virus stopt niet bij landsgrenzen. Het belangrijkste is nu dat overal ter wereld voldoende vaccins beschikbaar komen. Nederland neemt daarin verantwoordelijkheid door voor elk vaccin dat hier aan iemand wordt gegeven, er ook een te doneren. De tweede vraag is hoe de zorg in de toekomst georganiseerd moet worden om toegankelijk, betaalbaar en van hoge kwaliteit te blijven. Nu is de tijd om over deze onderwerpen het gesprek verder te voeren en besluitvorming voor te bereiden.

In de afgelopen jaren is de nodige aandacht uitgegaan naar het tegengaan van eenzaamheid, de aanpak van schulden en het stimuleren van kansengelijkheid in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Die inzet blijft nodig. Vooruitlopend op noodzakelijke keuzes voor de lange termijn, stelt de regering tot eind 2023 ruim 8 miljard euro beschikbaar om onderwijsachterstanden in te lopen die in de coronaperiode zijn ontstaan. Het is belangrijk dat scholen daarbij ook aandacht geven aan de sociale en emotionele gevolgen die deze periode op leerlingen en studenten heeft gehad. Voor de jeugdzorg is volgend jaar 1,3 miljard euro extra beschikbaar, om knelpunten op te lossen en tegelijkertijd structurele verbeteringen te realiseren. En ook voor hulp aan mensen met problematische schulden vanwege corona of de toeslagenaffaire, is in de begroting extra geld opgenomen.

De Nederlandse economie staat er gelukkig goed voor, zeker in vergelijking met andere landen. Dat is een compliment aan het innovatieve Nederlandse bedrijfsleven en het geeft perspectief aan mensen die nu aan de kant staan. De doorgevoerde steunmaatregelen voor bedrijven waren ongekend in financiële omvang en reikwijdte, maar hebben wel het beoogde effect gehad. Dit jaar en volgend jaar veert de Nederlandse economie naar verwachting op en de werkloosheid blijft historisch laag, terwijl de staatsschuld door de steunmaatregelen niet uit het lood is geslagen en de koopkracht gemiddeld op peil blijft.

De intrinsieke kracht van de Nederlandse economie biedt ruimte om verder te bouwen aan het Nederland van morgen. De realiteit daarbij is wel dat veel vraagstukken de grenzen van één kabinetsperiode overstijgen. Of de grenzen van ons land. Of beide.

De lidmaatschappen van de Europese Unie, de NAVO en de Verenigde Naties zijn de hoekstenen van het Nederlandse buitenlands beleid. Het is duidelijk dat Nederland samen met de andere lidstaten van de Europese Unie voor strategische keuzes staat in de relaties met China en Rusland, maar ook in de relatie met de Verenigde Staten. Trans-Atlantische samenwerking blijft de basis onder het Nederlandse veiligheidsbeleid, maar we zullen tegelijkertijd meer moeten investeren in Europees veiligheidsbeleid.

De rechtsstaat is het fundament onder de vrije en democratische samenleving, die al zo lang kenmerkend is voor ons land. Maar die Nederlandse rechtsstaat staat onder druk. De georganiseerde misdaad wordt steeds meedogenlozer en gewelddadiger. De schokkende moord op Peter R. de Vries is in deze ontwikkeling een nieuw dieptepunt. Het kabinet werkt al langer aan een stevige en meerjarige aanpak die verschillende sporen kent en stelt daarvoor opnieuw extra geld beschikbaar. Criminele organisaties moeten worden opgerold, hun leiders opgepakt en crimineel geld afgepakt. We moeten daarbij ook meer investeren in de aanpak van digitale criminaliteit en veiligheid, omdat de wereldwijde digitale dreigingen op tal van manieren toenemen.